Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

De kosten van de enquêteprocedure

Gebonden Nederlands 2022 9789013169041
Op voorraad | Vandaag voor 21:00 uur besteld, morgen in huis

Samenvatting

Dit proefschrift geeft een actueel overzicht van wetgeving, jurisprudentie en literatuur met betrekking tot de kosten van de enquêteprocedure. De titel levert hiermee een waardevolle bijdrage aan het wetenschappelijke debat over de kosten van de enquêteprocedure. Daarnaast worden ook de knelpunten en lacunes in de wettelijke regeling behandeld.

Tot op heden zijn de kosten van de enquêteprocedure niet op integrale wijze behandeld in de wetenschappelijke literatuur. De kosten van de enquêteprocedure voorziet in die leemte en bevat een fundamentele analyse van dit onderwerp. De titel richt zich daarnaast op de knelpunten en lacunes in de wettelijke regeling. De auteur heeft ook oog voor de rechtspraktijk, met onder meer een praktijkonderzoek dat is verricht onder door de Ondernemingskamer benoemde functionarissen.

Het onderzoek in dit proefschrift steunt op drie pijlers:
- de kosten van de enquêteprocedure
- de financiering van de kosten van de enquêteprocedure
- het hiermee verbonden aansprakelijkheidsrecht

Enquêteprocedure actueel
Wie vragen heeft over de kosten van de enquêteprocedure, kan niet om dit boek heen. Dit proefschrift geeft een actueel en begrijpelijk overzicht van wetgeving, jurisprudentie (van met name de Ondernemingskamer en Hoge Raad) en literatuur met betrekking tot de kosten van de enquêteprocedure.

De kosten van de enquêteprocedure is van grote waarde voor alle beoefenaren van het enquêterecht, in zowel de rechtswetenschap als de rechtspraktijk. Zo kan dit boek nuttig zijn voor advocaten, rechters, wetgevingsjuristen of door de Ondernemingskamer benoemde onderzoekers of functionarissen.

Specificaties

ISBN13:9789013169041
Taal:Nederlands
Bindwijze:gebonden
Aantal pagina's:640
Druk:1
Verschijningsdatum:19-7-2022
Hoofdrubriek:Juridisch
ISSN:
Jongbloed:Recht algemeen

Lezersrecensies

Wees de eerste die een lezersrecensie schrijft!

Geef uw waardering

Zeer goed Goed Voldoende Matig Slecht

Inhoudsopgave

Woord vooraf V

Hoofdstuk 1. Inleiding 1
1.1 Onderwerp en aanleiding 1
1.2 Opzet van het onderzoek 3
1.2.1 Doelstelling en pijlers van het onderzoek 3
1.2.2 Onderzoeksmethoden 4
1.2.2.1 Juridisch-dogmatisch onderzoek 4
1.2.2.2 Interne rechtsvergelijking 5
1.2.2.3 Externe rechtsvergelijking 5
1.2.2.4 Praktijkonderzoek 6
1.2.3 Afbakening van het onderzoek en gebruikte terminologie 6
1.2.4 Verantwoording 9

Hoofdstuk 2. De kosten van het onderzoek 11
2.1 Inleiding 11
2.2 Kerntaak van de onderzoeker 12
2.2.1 Inleiding 12
2.2.2 Selectie, vaststelling en interpretatie van informatie 13
2.2.2.1 Inleiding 13
2.2.2.2 Selectie van informatiebronnen en informatie 13
2.2.2.3 Reikwijdte van het onderzoek 15
2.2.2.4 Vaststelling en interpretatie van informatie 26
2.2.3 Beoordeling van informatie 27
2.2.3.1 Inleiding 27
2.2.3.2 Beoordeling van informatie als eerste stap van toetsing aan de norm wanbeleid 27
2.2.3.3 Beoordeling van individueel gedrag 33
2.2.4 Kwalificatie van informatie 35
2.2.4.1 Inleiding 35
2.2.4.2 Het oordeel wanbeleid 35
2.2.4.3 Verantwoordelijkheid voor het wanbeleid 38
2.2.4.4 Normatieve beschouwingen 40
2.2.4.5 Te treffen voorzieningen 41
2.2.4.6 Verhaal van de kosten van het onderzoek op grond van art. 2:354 BW 43
2.3 Andere taken van de onderzoeker 44
2.3.1 Inleiding 44
2.3.2 Terinzagelegging van het onderzoeksverslag 45
2.3.3 Bemiddeling 46
2.3.4 Bindend advies 48
2.4 Voor vergoeding in aanmerking komende kosten van het onderzoek 50
2.4.1 Inleiding 50
2.4.2 Honorarium van de onderzoeker 51
2.4.2.1 Inleiding 51
2.4.2.2 Taak van de onderzoeker 51
2.4.2.2.1 Inleiding 51
2.4.2.2.2 Kosten van bemiddeling 52
2.4.2.2.3 Kosten van bindend advies 55
2.4.2.3 Hoogte van het honorarium en tijdsregistratie 56
2.4.2.4 Proceskosten 59
2.4.2.5 Nawerkzaamheden 60
2.4.2.6 Onderscheid met de beloning van OK-functionarissen 62
2.4.3 Onkosten van de onderzoeker 64
2.4.3.1 Inleiding 64
2.4.3.2 Reiskosten en verblijfkosten 64
2.4.3.3 Kantoorkosten 65
2.4.3.4 Kosten van inschakeling van derden 65
2.4.3.4.1 Inleiding 65
2.4.3.4.2 Hulppersonen 66
2.4.3.4.3 Niet-hulppersonen 69
2.4.3.5 Vergoedingen voor interviews 72
2.4.3.6 Vergoedingen voor getuigenverhoren door de Ondernemingskamer 74
2.4.3.7 Kosten van verweer 77
2.5 Gebruikmaking van een begroting en plan van aanpak en vaststelling van het onderzoeksbudget 77
2.5.1 Inleiding 77
2.5.2 Gebruikmaking van een begroting 78
2.5.2.1 Inleiding 78
2.5.2.2 Voordelen van gebruikmaking van een begroting 79
2.5.2.3 Voorwaarden voor gebruikmaking van een begroting 82
2.5.2.3.1 Inleiding 82
2.5.2.3.2 Te stellen termijn 82
2.5.2.3.3 Verschillende behandeling van kleine en grote enquêtes? 83
2.5.2.3.4 Zekerheidstelling en het onderzoeksbudget voor het opstellen van een begroting en plan van aanpak 83
2.5.2.3.5 Inspraak van procespartijen en de door de Ondernemingskamer aangebrachte correcties 85
2.5.3 Gebruikmaking van een plan van aanpak 88
2.5.4 Vaststelling van het onderzoeksbudget 90
2.6 Verhoging van het onderzoeksbudget 91
2.6.1 Inleiding 91
2.6.2 Tijdige indiening van het verzoek tot verhoging van het onderzoeksbudget 92
2.6.3 Inspraak van procespartijen 97
2.6.3.1 Inleiding 97
2.6.3.2 Te horen procespartijen 98
2.6.3.3 Wijze van horen 99
2.6.4 Beoordeling van het verzoek tot verhoging van het onderzoeksbudget 102
2.6.4.1 Inleiding 102
2.6.4.2 Terughoudende toetsing 102
2.6.4.3 Beoordelingsfactoren 105
2.6.4.4 Toezeggingen de kosten van het onderzoek te beperken 106
2.6.4.5 Rekening en verantwoording van de kosten van het onderzoek en gebruikmaking van een begroting 107
2.6.4.6 Vermogenspositie van de rechtspersoon 110
2.7 Zekerheidstelling voor betaling van de kosten van het onderzoek 111
2.7.1 Inleiding 111
2.7.2 Voorwaarden aan zekerheidstelling 112
2.7.3 Termijn voor zekerheidstelling en het uitblijven van zekerheidstelling 114
2.7.4 Beheer van het bedrag voor de kosten van het onderzoek waarvoor zekerheid is gesteld 115
2.8 Vaststelling van de kosten van het onderzoek 118
2.8.1 Inleiding 118
2.8.2 Gevallen waarin de Ondernemingskamer overgaat tot vaststelling van de kosten van het onderzoek 118
2.8.3 Beoordelingsprocedure en beoordelingsmaatstaf 120
2.8.3.1 Inleiding 120
2.8.3.2 Rekening en verantwoording van de kosten van het onderzoek 121
2.8.3.3 Bezwaren van procespartijen 122
2.8.3.4 Niet onredelijk voorkomende vergoedingen 123
2.8.4 Gebruikmaking van deelvaststellingen 124
2.9 Gevolgen van beroep in cassatie 125
2.10 Rekening en verantwoording van de kosten van het onderzoek 128
2.11 Geschilbeslechting door de Ondernemingskamer 131

Hoofdstuk 3. De kosten van verweer van de onderzoeker 133
3.1 Inleiding 133
3.2 Aansprakelijkheidspositie van de onderzoeker 133
3.2.1 Inleiding 133
3.2.2 Rechtspositie van de onderzoeker 134
3.2.2.1 Inleiding 134
3.2.2.2 De onderzoeker is geen deskundige 134
3.2.2.3 Rechtsverhouding met de Ondernemingskamer 137
3.2.2.4 Rechtsverhouding met procespartijen 139
3.2.3 Civielrechtelijke aansprakelijkheidspositie van de onderzoeker 141
3.2.3.1 Inleiding 141
3.2.3.2 Aansprakelijkheid van de onderzoeker uit onrechtmatige daad 141
3.2.3.2.1 Inleiding 141
3.2.3.2.2 Onrechtmatige gedraging 142
3.2.3.2.3 Toerekenbaarheid 147
3.2.3.2.4 Schade 147
3.2.3.2.5 Causaliteit 148
3.2.3.2.6 Relativiteit 149
3.2.3.3 Aansprakelijkheid van de onderzoeker voor hulppersonen 151
3.2.3.4 Aansprakelijkheid van de onderzoeker voor
niet-hulppersonen 154
3.2.4 Strafrechtelijke aansprakelijkheidspositie van de onderzoeker 154
3.2.5 Tuchtrechtelijke positie van de onderzoeker 155
3.2.6 Aansprakelijkheid van de Staat wegens schending van art. 6 EVRM 155
3.2.7 De (mogelijke) gevolgen van (dreiging met) aansprakelijkstelling van de onderzoeker 158
3.2.8 Instrumenten ter voorkoming van (dreiging met) aansprakelijkstelling en de vaststelling van aansprakelijkheid
van de onderzoeker 159
3.2.8.1 Inleiding 159
3.2.8.2 Gedwongen intrekking van een uitgebrachteaansprakelijkstelling 159
3.2.8.3 Exoneratie van de onderzoeker 160
3.2.8.4 Voorafgaande toestemming voor aansprakelijkstelling van de onderzoeker 161
3.2.8.5 Vrijwaring van de onderzoeker 161
3.2.8.6 Verzekering van de onderzoeker 163
3.2.8.7 Verdergaande aansprakelijkheid van de Staat 165
3.2.8.8 Verboden op straffe van een dwangsom 167
3.2.8.9 Guidance van de Ondernemingskamer of raadsheer-commissaris 167
3.2.8.10 De onderzoeker in de aanval 167
3.2.8.11 Benoeming van een rechtspersoon-onderzoeker 168
3.3 Kosten van verweer van de onderzoeker 169
3.3.1 Inleiding 169
3.3.2 De regeling van art. 2:350 lid 3 BW 169
3.3.2.1 Inleiding 169
3.3.2.2 Het begrip ‘kosten van verweer’ 170
3.3.2.2.1 Inleiding 170
3.3.2.2.2 Griffierechten 171
3.3.2.2.3 Kosten van rechtsbijstand 171
3.3.2.2.4 Proceskostenveroordeling 172
3.3.2.2.5 Kosten van verzekering 179
3.3.2.2.6 Overige kosten van verweer 180
3.3.2.3 Het begrip ‘redelijke en in redelijkheid gemaakte kosten van verweer’ 180
3.3.2.4 Het begrip ‘gemaakte kosten van verweer’ 186
3.3.2.5 Het begrip ‘kosten van verweer terzake de vaststelling van aansprakelijkheid vanwege de uitvoering van het onderzoek of het verslag van de uitkomst van het onderzoek’ 186
3.3.2.6 Kosten van verweer zijn kosten van het onderzoek 188
3.3.3 Gebreken van de regeling van de kosten van verweer 189
3.3.4 Instrumenten ter zekerheidstelling van de kosten van verweer van de onderzoeker 190
3.3.4.1 Inleiding 190
3.3.4.2 Vrijwaring van de onderzoeker 191
3.3.4.3 Verzekering van de onderzoeker 191
3.3.4.4 Kwalificatie van de kosten van verweer als boedelschuld 191
3.3.4.5 Verplichte financiering van de kosten van verweer van de onderzoeker door de Staat 192
3.3.4.6 Gebruikmaking van een Stichting Rimarisolidariteitsfonds 193
3.3.4.7 Uitsluiting van aansprakelijkheid bij onvoldoende zekerheidstelling 193
3.3.4.8 Verplichte financiering van de kosten van verweer van de onderzoeker door een ander dan de rechtspersoon 194

Hoofdstuk 4. De beloning van OK-functionarissen 195
4.1 Inleiding 195
4.2 Benoeming van OK-functionarissen bij onmiddellijke voorziening of bij eindvoorziening 196
4.3 Toepassing van art. 2:357 lid 4 BW op bij onmiddellijke voorziening benoemde OK-functionarissen 198
4.4 Taak van OK-functionarissen 199
4.4.1 Inleiding 199
4.4.2 Enkele uitgangspunten bij de taakuitoefening van OK-functionarissen 199
4.4.3 Taak van OK-bestuurders 204
4.4.4 Taak van OK-commissarissen 207
4.4.5 Taak van OK-beheerders 208
4.5 Voor vergoeding in aanmerking komende kosten van OK-functionarissen 210
4.5.1 Inleiding 210
4.5.2 Honorarium van OK-functionarissen 210
4.5.2.1 Inleiding 210
4.5.2.2 Taak van OK-functionarissen 211
4.5.2.3 Hoogte van het honorarium en tijdsregistratie 211
4.5.2.4 Proceskosten 217
4.5.2.5 Nawerkzaamheden 218
4.5.3 Onkosten van OK-functionarissen 218
4.5.3.1 Inleiding 218
4.5.3.2 Reiskosten en verblijfkosten 219
4.5.3.3 Kantoorkosten 219
4.5.3.4 Kosten van inschakeling van derden 220
4.5.3.5 Kosten van verweer 224
4.6 Vereiste toewijzingsbeschikking van de Ondernemingskamer 224
4.7 Zekerheidstelling voor betaling van de beloning van OK-functionarissen 227
4.7.1 Inleiding 227
4.7.2 Voorwaarden aan zekerheidstelling 228
4.7.3 Termijn voor zekerheidstelling en het uitblijven van zekerheidstelling 230
4.7.4 Beheer van het bedrag voor de beloning van OK-functionarissen waarvoor zekerheid is gesteld 233
4.8 Vaststelling van de vergoeding van OK-functionarissen 235
4.8.1 Inleiding 235
4.8.2 Wet normering topinkomens 235
4.8.3 Benoeming van een vereffenaar 237
4.8.4 Ruimer gebruik van de vaststelling en deelvaststellingen van de vergoeding van OK-functionarissen 238
4.9 Gevolgen van beroep in cassatie 240
4.10 Rekening en verantwoording van de beloning van OK-functionarissen 242
4.10.1 Inleiding 242
4.10.2 Rekening en verantwoording jegens de Ondernemingskamer 242
4.10.3 Rekening en verantwoording jegens procespartijen 245
4.10.3.1 Inleiding 245
4.10.3.2 OK-bestuurders en OK-commissarissen 246
4.10.3.3 OK-beheerders 249
4.10.4 Ruimere rekening en verantwoording ten aanzien van de beloning van OK-functionarissen 250
4.11 Geschilbeslechting door de Ondernemingskamer 252

Hoofdstuk 5. De kosten van verweer van OK-functionarissen 253
5.1 Inleiding 253
5.2 Aansprakelijkheidspositie van OK-functionarissen 254
5.2.1 Inleiding 254
5.2.2 Rechtspositie van OK-functionarissen 255
5.2.3 Civielrechtelijke aansprakelijkheidspositie van OK-functionarissen 256
5.2.3.1 Inleiding 256
5.2.3.2 OK-bestuurders 256
5.2.3.3 OK-commissarissen 260
5.2.3.4 OK-beheerders 260
5.2.3.5 Civielrechtelijk bestuursverbod 261
5.2.4 Strafrechtelijke aansprakelijkheidspositie van OK-functionarissen 262
5.2.5 Tuchtrechtelijke positie van OK-functionarissen 262
5.2.5.1 Inleiding 262
5.2.5.2 OK-functionarissen, tevens advocaat 263
5.2.5.3 OK-functionarissen, tevens accountant 264
5.2.6 De (mogelijke) gevolgen van (dreiging met) aansprakelijkstelling van OK-functionarissen 265
5.2.7 Instrumenten ter voorkoming van (dreiging met) aansprakelijkstelling en de vaststelling van aansprakelijkheid van OK-functionarissen 266
5.2.7.1 Inleiding 266
5.2.7.2 Gedwongen intrekking van een uitgebrachte aansprakelijkstelling 267
5.2.7.3 Exoneratie van OK-functionarissen 268
5.2.7.4 Voorafgaande toestemming voor aansprakelijkstelling van OK-functionarissen 271
5.2.7.5 Vrijwaring van OK-functionarissen 272
5.2.7.6 Verzekering van OK-functionarissen 275
5.2.7.7 Dechargeverlening aan OK-functionarissen 282
5.2.7.8 Wettelijke limitering of uitsluiting van aansprakelijkheid van OK-functionarissen 283
5.2.7.9 Verboden op straffe van een dwangsom 286
5.2.7.10 Afwijkende administratieplicht voor OK-bestuurders 287
5.2.7.11 Beperkte bevoegdheden van OK-beheerders 287
5.2.7.12 Gewijzigd beleid van OK-functionarissen 289
5.2.7.13 Buitenwerkingstelling van wettelijke of statutaire bepalingen 289
5.2.7.14 Toekenning van een billijke vergoeding door de Ondernemingskamer 290
5.2.7.15 OK-functionarissen met een beperkte taak 291
5.2.7.16 Guidance van de Ondernemingskamer of raadsheercommissaris 292
5.2.7.17 Ruimere rekening- en verantwoordingsverplichting voor OK-functionarissen 296
5.2.7.18 OK-functionarissen in de aanval 297
5.3 Kosten van verweer van OK-functionarissen 297
5.3.1 Inleiding 297
5.3.2 De regeling van art. 2:357 lid 6 BW 298
5.3.2.1 Inleiding 298
5.3.2.2 Vereiste toewijzingsbeschikking van de Ondernemingskamer 299
5.3.2.3 Exclusiviteit van de regeling van de kosten van verweer 300
5.3.2.4 Het begrip ‘kosten van verweer’ 302
5.3.2.5 Het begrip ‘redelijke en in redelijkheid gemaakte kosten van verweer’ 304
5.3.2.6 Het begrip ‘gemaakte kosten van verweer’ 304
5.3.2.7 Het begrip ‘kosten van verweer terzake de vaststelling van aansprakelijkheid vanwege onbehoorlijke taakvervulling’ 305
5.3.2.8 Verhouding tussen art. 2:357 lid 4 en lid 6 BW 307
5.3.2.9 Verhouding tussen art. 2:357 lid 2 en lid 6 BW 308
5.3.2.10 Toepassing van art. 2:357 lid 2 en lid 6 BW op bij onmiddellijke voorziening benoemde OK-functionarissen 310
5.3.3 Gebreken van de regeling van de kosten van verweer 311
5.3.4 Instrumenten ter zekerheidstelling van de kosten van verweer van OK-functionarissen 313
5.3.4.1 Inleiding 313
5.3.4.2 Vrijwaring van OK-functionarissen 314
5.3.4.3 Verzekering van OK-functionarissen 315
5.3.4.4 Escrow-voorziening 315
5.3.4.5 Kwalificatie van de kosten van verweer als boedelschuld 319
5.3.4.6 Verplichte financiering van de kosten van verweer van OK-functionarissen door de Staat 320
5.3.4.7 Gebruikmaking van een Stichting Rimarisolidariteitsfonds 321
5.3.4.8 Uitsluiting van aansprakelijkheid bij onvoldoende zekerheidstelling 321
5.3.4.9 Verplichte financiering van de kosten van verweer van OK-functionarissen door een ander dan de rechtspersoon 322

Hoofdstuk 6. Financiering van de kosten van de enquêteprocedure 325
6.1 Inleiding 325
6.2 Financiering door de rechtspersoon 326
6.2.1 Inleiding 326
6.2.2 Kosten van het onderzoek 326
6.2.3 Beloning van OK-functionarissen 327
6.2.4 Financieringsonwil 327
6.3 Financiering door de rechtspersoon in concernenquêtes 330
6.3.1 Inleiding 330
6.3.2 Financiering door verschillende concernvennootschappen 330
6.3.3 Financiering door het concern 332
6.3.4 Hoofdelijke financiering en regres 332
6.3.5 Financiering door de moedervennootschap 333
6.3.6 Verplichte financiering door de enquêteverzoeker 334
6.3.7 Beloning van OK-functionarissen 334
6.4 Financiering door een ander dan de rechtspersoon 335
6.4.1 Inleiding 335
6.4.2 Directe, indirecte en subsidiaire financiering 336
6.4.3 Verplichte en vrijwillige financiering 337
6.4.4 Financieringsonmacht 340
6.4.5 Toezeggingen van directe financiering 343
6.4.6 Mogelijke financieringsvoorwaarden 346
6.4.6.1 Inleiding 346
6.4.6.2 Financiering tot een maximumbedrag 347
6.4.6.3 Verhaal van de kosten van de enquêteprocedure op de rechtspersoon 348
6.4.6.4 Verhaal van de kosten van het onderzoek op grond van art. 2:354 BW 349
6.4.6.5 Financiering van enkel de kosten van het onderzoek of enkel de beloning van OK-functionarissen 350
6.4.6.6 Meervoudige financiering of medewerking van een procespartij 350
6.4.6.7 Subsidiaire financiering 351
6.4.7 Mogelijke invloed op de werkzaamheden van de onderzoeker 352
6.4.7.1 Inleiding 352
6.4.7.2 Reikwijdte van het onderzoek 352
6.4.7.3 Te hanteren onderzoeksmethoden en de selectie van bewijsmiddelen 354
6.4.7.4 Hoogte van de kosten van het onderzoek 356
6.4.8 Mogelijke invloed op de werkzaamheden van OK-functionarissen 357
6.5 Financiering door de enquêteverzoeker 358
6.5.1 Inleiding 358
6.5.2 De begrippen materiële en formele procespartij 358
6.5.2.1 Inleiding 358
6.5.2.2 Overdracht van enquêtebevoegdheid 359
6.5.2.3 Volmacht 359
6.5.2.4 Lastgeving 361
6.5.2.5 305a-organisaties 362
6.5.3 Verplichte financiering van de kosten van het onderzoek 369
6.5.4 Vrijwillige financiering van de kosten van de enquêteprocedure 372
6.6 Financiering door een belanghebbende 378
6.7 Financiering door de curator 380
6.7.1 Inleiding 380
6.7.2 Curator als enquêteverzoeker 381
6.7.2.1 Inleiding 381
6.7.2.2 Uitoefening van enquêtebevoegdheid namens een aandeelhouder of certificaathouder 381
6.7.2.3 Eigen enquêtebevoegdheid 383
6.7.3 Kosten van de enquêteprocedure in faillissement 384
6.7.3.1 Inleiding 384
6.7.3.2 Kosten van het onderzoek 385
6.7.3.3 Beloning van OK-functionarissen 387
6.7.4 Mogelijke redenen voor financiering door de curator 388
6.7.5 Vrijwillige financiering van de kosten van het onderzoek 397
6.7.6 Financiering van de kosten van de enquêteprocedure op bevel van de rechter commissaris 399
6.7.7 Garantstellingsregeling curatoren 2012 400
6.8 Financiering door bestuurders en commissarissen 405
6.8.1 Inleiding 405
6.8.2 Verplichte financiering van de kosten van het onderzoek 406
6.8.3 Verplichte financiering van de beloning van OK-functionarissen 406
6.9 Financiering door de onderzoeker 409

Hoofdstuk 7. Verhaal van de kosten van het onderzoek 411
7.1 Inleiding 411
7.2 Wetsgeschiedenis van art. 2:354 BW 412
7.3 Art. 2:354 BW als bijzondere (bestuurders)aansprakelijkheidsgrondslag en cessie van de vordering tot verhaal van de kosten van het onderzoek 414
7.4 Procedure tot verhaal van de kosten van het onderzoek 416
7.4.1 Inleiding 416
7.4.2 Verzoekschriftprocedure 416
7.4.3 Termijn voor indiening van het verzoek 417
7.4.4 Horen van betrokkenen 419
7.4.5 Positie binnen de enquêteprocedure 420
7.4.6 Anticiperende toepassing van art. 2:354 BW 421
7.4.6.1 Inleiding 421
7.4.6.2 Van Lier-Van der Lans 422
7.4.6.3 Hello Amsterdam 424
7.4.6.4 L’Étoile 425
7.4.6.5 Synthese 426
7.4.7 Toewijzende beschikking van de Ondernemingskamer als executoriale titel 427
7.5 Verhaal van de kosten van het onderzoek 427
7.5.1 Inleiding 427
7.5.2 Vergoeding van andere schade dan de kosten van het onderzoek en de exclusiviteit van de regeling van art. 2:354 BW 428
7.5.3 Wettelijke rente 430
7.6 De persoon van de verzoeker 431
7.6.1 Inleiding 431
7.6.2 Rechtspersoon 431
7.6.3 Curator 434
7.6.4 Directe financier 436
7.6.5 Aandeelhouder 439
7.7 Verhaal op de enquêteverzoeker 441
7.8 Schadevergoedingsverplichting van de enquêteverzoeker bij een niet op redelijke grond gedaan enquêteverzoek op grond van art. 2:350 lid 2 BW 442
7.9 Verhaal op een bestuurder, commissaris of ander in dienst van de rechtspersoon 448
7.9.1 Inleiding 448
7.9.2 De persoon op wie verhaal is toegelaten 448
7.9.2.1 Inleiding 448
7.9.2.2 Oud-bestuurders of oud-commissarissen 449
7.9.2.3 Feitelijk bestuurders 449
7.9.2.4 Indirect bestuurders 452
7.9.2.5 Anderen in dienst van de rechtspersoon 454
7.9.3 Verantwoordelijkheid voor een onjuist beleid of een onbevredigende gang van zaken van de rechtspersoon 457
7.9.3.1 Inleiding 457
7.9.3.2 Verantwoordelijkheid voor een onjuist beleid 457
7.9.3.3 Verantwoordelijkheid voor een onbevredigende gang van zaken 459
7.9.3.4 Individueel en concreet blijkende verantwoordelijkheid 460
7.9.3.5 Betekenis van het onderzoeksverslag en aanvullend bewijsmateriaal 461
7.9.3.6 Een ernstig verwijt? 462
7.10 Verdeling van de kosten van het onderzoek, hoofdelijkheid en regres 463
7.11 Concernenquêtes 465

Hoofdstuk 8. De enquêteprocedure als opstap naar een aansprakelijkheidsprocedure 467
8.1 Inleiding 467
8.2 De begrippen materiële en formele procespartij 467
8.3 Informatieverzameling door middel van het onderzoek 470
8.4 Gezag van gewijsde 472
8.4.1 Inleiding 472
8.4.2 Het oordeel wanbeleid 473
8.4.3 Het oordeel op het verzoek tot verhaal van de kosten van het onderzoek op grond van art. 2:354 BW 476
8.4.4 Getroffen onmiddellijke voorzieningen en eindvoorzieningen 478
8.4.5 Ruimte voor strategische procesvoering 480
8.5 Bewijslevering en bewijswaardering 480
8.5.1 Inleiding 480
8.5.2 Toegang tot en gebruikmaking van het onderzoeksverslag 481
8.5.3 Bewijskracht van het onderzoeksverslag 487
8.5.4 Bewijskracht van enquêtebeschikkingen: het feitencomplex 488
8.5.5 Bewijskracht van enquêtebeschikkingen: het oordeel wanbeleid of geen wanbeleid 489
8.5.5.1 Inleiding 489
8.5.5.2 Wanbeleid vestigt geen aansprakelijkheid 490
8.5.5.3 Verantwoordelijkheid voor het wanbeleid of een onjuist beleid 491
8.5.5.4 Verlof tot conservatoir verhaalsbeslag 492
8.5.5.5 Provisionele vordering tot schadevergoeding 492
8.5.6 Gebruikmaking van het onderzoeksverslag en enquêtebeschikkingen in de lagere jurisprudentie 493
8.5.7 Ruimte voor strategische procesvoering 495
8.6 Bewijsvermoeden 496
8.6.1 Inleiding 496
8.6.2 Verschillende soorten bewijsvermoedens 497
8.6.3 Betekenis en reikwijdte van het bewijsvermoeden uit Laurus 498
8.6.4 Verantwoordelijkheid voor het wanbeleid of een onjuist beleid 500
8.6.5 Gebruikmaking van het bewijsvermoeden in de lagere jurisprudentie 502
8.6.6 Ruimte voor strategische procesvoering 504
8.7 Vernietiging van dechargebesluiten door de Ondernemingskamer 504
8.8 Alternatieve manieren voor schadeverhaal 508
8.8.1 Inleiding 508
8.8.2 Minnelijke regeling 508
8.8.3 Vordering tot uitkoop 509
8.8.4 Vordering tot uittreding 511

Hoofdstuk 9. Samenvatting, conclusies en aanbevelingen 513
9.1 Inleiding 513
9.2 Samenvatting en conclusies 513
9.2.1 Inleiding 513
9.2.2 De kosten van het onderzoek 513
9.2.3 De kosten van verweer van de onderzoeker 516
9.2.4 De beloning van OK-functionarissen 517
9.2.5 De kosten van verweer van OK-functionarissen 519
9.2.6 Financiering van de kosten van de enquêteprocedure 522
9.2.7 Verhaal van de kosten van het onderzoek 524
9.2.8 De enquêteprocedure als opstap naar een aansprakelijkheidsprocedure 526
9.2.9 Afrondende en overkoepelende beschouwingen 527
9.3 Aanbevelingen 529

Hoofdstuk 10. Summary, conclusions and recommendations 533
10.1 Introduction 533
10.2 Summary and conclusions 533
10.2.1 Introduction 533
10.2.2 The costs of investigation 533
10.2.3 The defence costs of the investigator 536
10.2.4 The remuneration of EC officers 537
10.2.5 The defence costs of EC officers 539
10.2.6 The financing of the costs of inquiry proceedings 541
10.2.7 Recovery of the costs of investigation 543
10.2.8 The inquiry procedure as a stepping stone to liabilityproceedings 545
10.2.9 Final and overall considerations 546
10.3 Recommendations 548

Bijlage - Vragenlijst praktijkonderzoek behorende bij hoofdstuk 5 551
Afkortingen 553
Literatuur 559
Jurisprudentie 629
Parlementaire stukken 665
Rapporten, richtlijnen en adviezen 667
Trefwoorden 675

Managementboek Top 100

Rubrieken

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden

        De kosten van de enquêteprocedure