Dat de wereld steeds sneller verandert, dat horen we al decennia. Maar dit keer is het écht anders, betogen trendwatchers Farid Tabarki en Joey Hullegie. Volgens het duo van Studio Zeitgeist is de snelheid waarmee technologie zich ontwikkelt, informatie circuleert en onze wereld transformeert, zodanig toegenomen dat we niet langer naar een nieuwe status quo toegaan. Zo ging het vroeger, maar nu zal het nooit meer rustig worden. We blijven continu onderweg. Of dat goed of slecht nieuws is, lijkt een kwestie van mindset. De actieve optimist zal gedijen in zo’n dynamische, versnellende wereld; de rusteloze angsthaas kan bevriezen, vluchten kan niet meer.
Het grappige is dat we die tweedeling terugzien in beide auteurs: Tabarki is de rap pratende ras-optimist die graag op een podium springt en overal kansen ziet; Hullegie is de bedachtzame filosoof, die mensenmassa’s mijdt, zich ernstig zorgen maakt over de wereld en het liefst werkt op zijn Portugese quinta. Ze scherpen zich aan elkaar, en schreven samen Het versnellingseffect. Een boek dat moet dienen als kompas, voor individuen, organisaties en samenlevingen; niet om je vast te klampen aan stabiliteit, maar om te leren bewegen, mee met de tijd.
Maatschappelijke orde onder druk
Het versnellingseffect laat zien dat al die veranderingen niet alleen maar toenemen in aantal en diversiteit, maar vooral in een steeds sneller tempo over ons heenkomen. De vier jaargetijden klonteren samen in een kwartaal, een maand, een week. Tabarki en Hullegie illustreren dit versnellingseffect mooi bij de toepassingen van technologie: het duurde 75 jaar voordat de vaste telefoon wereldwijd vijftig miljoen gebruikers had; bij de smartphone werd dat aantal al bereikt na vijf jaar; en ChatGPT telde al na een maand vijftig miljoen gebruikers.
Wat zijn de gevolgen van deze versnelling? Tabarki: ‘Nou, bijvoorbeeld dat een aantal fundamenten van onze maatschappelijke orde inmiddels zwaar onder druk zijn komen te staan. In ons boek noemen we er vier: het verlies aan autoriteit; het verdwenen belang van fysieke locaties en onderlinge nabijheid, door vergaande digitalisering; de vraag waar we nog werkelijke waarde aan toekennen, nu efficiency en harde getallen het steeds meer winnen van persoonlijke waarden en ervaringen; en tot slot het verlies aan menselijke maat, als gevolg van technologie die ons steeds verder overstijgt.’
Gebruik de angst
Laten we inzoomen op het eerste fundament, het verlies van autoriteit. ‘Wie bepaalt er nog wat waar is en wat niet? Vroeger hadden wetenschappers, CEO’s, experts en ook overheden macht en autoriteit. Er werd naar hen geluisterd. Maar die tijd is voorbij. Autoriteit vinden we niet meer boven ons, maar in onszelf en bij elkaar, afhankelijk van de context’, zegt Hullegie.
Dat komt onder andere door de democratisering van informatie: omdat we allemaal steeds makkelijker toegang hebben tot dezelfde informatie, data, rapporten en AI-tools, verliest het gezag (de politicus, de viroloog, de manager, de dokter) de klassieke kennisvoorsprong. Macht en autoriteit verkruimelen. Gevolg? Hullegie: ‘Mensen kunnen niet meer omhoog kijken voor sturing, verliezen grip en worden angstig. Tijdens corona geloofden sommigen de adviezen van de overheid niet. Gevolg: weerstand en paniek.’
Sowieso komt het begrip angst geregeld voor in Het versnellingseffect, van angst voor verlies aan grip tot angst voor verlies van je baan door AI. Loop er niet voor weg maar omarm die angst, adviseert Tabarki: ‘Angst zorgt ervoor dat je scherp nadenkt over wat goed is voor je, en wat niet. Ik zie angst niet als zwaktebod maar als een teken van gezond verstand. Gebruik angst om even te vertragen, om voor jezelf de grip te hervinden.’
Draagt die toenemende angst ook bij aan de opkomst van populisme? Tabarki: ‘Zeker. Een typisch gevolg van angst is projectie, dat je een vijand buiten jezelf gaat zoeken. “Het komt allemaal door die ander”, is dan de systemische reflex. Als het spannend wordt, is dat een goede voedingsbodem voor autocratische leiders. Zij spelen in op die angst voor het onbekende en grijpen terug naar het oude, naar vroeger. Stem op mij en ik zal het voor je fiksen. Autocraten als Trump en Poetin kijken alleen maar terug, ze bieden totaal geen oplossingen in deze wereld vol technologie. Gevolg is dat mensen kunnen opbranden, dat zie je nu bijvoorbeeld in de VS. Steeds meer Amerikanen zoeken troost in ongezonde leefstijlen, gebruiken opiaten en andere troep. Oplossingen zijn gericht op de korte termijn. Ben je te dik? Pas je levensstijl niet aan maar zet er een spuit Ozempic in.’
Samen aan de slag
Het duo signaleert dat veel systemen momenteel niet optimaal werken, onder andere omdat onderlinge relaties niet floreren. Gezonde systemen draaien op drie fundamentele krachten: zelfcorrectie, variatie en cohesie. Als technologie slecht is ontworpen, komen deze krachten onder druk te staan. En soms ontstaan dan positieve tegenkrachten, aldus de studiogenoten: neem het punt van cohesie. Hullegie: ‘Van oudsher kent Nederland een rijke geschiedenis wat betreft coöperaties en andere collectieven. Nu zie je dat opnieuw: Nederlanders kopen samen windmolens of zonnepanelen, verzekeren zichzelf en elkaar tegen ziekte in een broodfonds, ondersteunen een biologisch boerenbedrijf om duurzaam te kunnen eten. Ze zetten samen zorgorganisaties op, van crèche tot complete thuiszorg voor ouderen, et cetera.’
Tegelijk zie je dat het in praktijk vaak tegenvalt om zo’n ecosysteem goed te organiseren, vult Tabarki aan: ‘Vrienden van mij proberen nu een wooncoöperatie op te zetten. Maar ze worden knettergek van alle regels. En kloppen ze aan bij een bank, dan zien die geen heil in zo’n woonconcept. Dat snappen ze gewoonweg niet. Goedwerkende ecosystemen vragen veel van de samenleving, bijvoorbeeld op juridisch en wettelijk gebied; het vergt dat we als samenleving anders gaan kijken naar de wereld. Waardoor we beter in staat zijn om met de continue veranderingen, waar we middenin zitten, om te gaan.’
Glas halfvol of halfleeg?
Wie Het versnellingseffect na lezing dichtslaat, kan enthousiast de mouwen opstropen of gaan somberen in een hoekje. Zoals gezegd, dat lijkt een kwestie van instelling, beaamt Hullegie: ‘Kijk, Farid is echt een rasoptimist. Ik doe mijn best om me door hem te laten overtuigen ook positief naar de toekomst te kijken, maar dat valt me niet mee. Ik zie een wereld waarin we telkens dezelfde fouten blijven maken. Waarin iedereen bezig is voor de eigen, korte termijn en niemand een goed idee heeft hoe de wereld eruit moet komen te zien. Ik vind het ook veelzeggend dat mijn vak, de filosofie, uitsterft. Vroeger schakelden organisaties geregeld filosofen in bij belangrijke besluitvormingsprocessen, voor de noodzakelijke diversiteit in denken. Maar dat neemt helaas sterk af. Zo vind ik het ook best triest dat zoveel jongeren aankloppen bij de hulpverlening omdat ze geestelijk in de knoop zitten. Als ik ‘s ochtends in de Amsterdamse metro stap, zie ik een mooie, diverse groep mensen. Maar ze kijken allemaal verdrietig, het lijkt wel of niemand zin heeft in de dag…’
Tabarki: ‘Maar Joey, het is maar net wat we er met elkaar van maken! Ik zie overal in Nederland nieuwe initiatieven, mede dankzij technologie, waar ik blij van word. Neem BrabantKennis, een toffe club met beleidsmakers die allerlei positieve trends en ontwikkelingen in Brabant signaleren. Zij willen de toekomst niet negeren, maar juist “verliefd worden op de toekomst”. Heel positief. Hun idee is om de toekomst te leren kennen door “toekomstvaardig” te worden. Zo ontwikkelden ze het initiatief De Zeven Zonden van Brabant: via essays, podcasts en exposities gebruiken ze de klassieke zonden, zoals hoogmoed, lust en luiheid, om de huidige Brabantse cultuur, mentaliteit en maatschappelijke uitdagingen te spiegelen. En te koppelen aan Brabantse vraagstukken, zoals verstedelijking en intensieve veehouderij.
Anders organiseren
Tabarki en Hullegie pleiten voor een radicaal andere verhouding tot tijd, tot technologie, tot elkaar. De eerste kiemen van verandering, schrijven ze aan het eind van Het versnellingseffect, zijn al zichtbaar: denk aan technologieën die niet gebaseerd zijn op winstmaximalisatie maar op ecologische principes; aan netwerken die niet standaardiseren maar relationeel werken; aan initiatieven die niet uitgaan van efficiency maar van wederkerigheid en tijdelijkheid. Ze adviseren managers om minder vast te houden aan stappenplannen, kwartaalplanningen en kpi’s, en de werkvloer meer ruimte te geven. Stimuleer frictie en diversiteit, en daarmee variatie; want variatie zorgt voor meer wendbaarheid. En ze citeren met instemming een rapport van Harvard Business Review, waarin wordt gesteld dat organisaties gezien de huidige versnelling behoefte hebben aan feminiene eigenschappen, denk aan geduld, redelijkheid, intuïtie en samenwerking. Tabarki: ‘We moeten anders organiseren, op een andere manier in de wereld staan. Alleen dan zullen we in staat zijn om goed om te gaan met continue verandering.’
Over Paul Groothengel
Paul Groothengel is freelance journalist.